Voor Jules is duurzaamheid vanzelfsprekend

Iemand die ‘van jongs af aan’ met natuur en milieu bezig is geweest, kan zich nogal eens verbazen in een ruim opgezette wijk als die waar Jules woont. Over die tuinen vol tegels dus, maar ook over de nonchalance waarmee met spullen en grondstoffen wordt omgegaan. “Overal waar nieuwe mensen komen wonen, ook jonge gezinnen, wordt – hup – de hele boel gestript. Keuken eruit, badkamer eruit. Al zit het er nog maar vijf jaar in! De Tesla voor de deur is dan zogenaamd duurzaam, maar het is eerder een statussymbool. Want de kinderen worden nog altijd overladen met spullen. Dan denk ik wel eens: ja jongens, maar zij krijgen straks de rekening gepresenteerd van jullie levensstijl.”

Oeh, koud!

Genoeg gemopperd, we zouden het over het huis hebben. Want dat huizen uit de jaren dertig niet te verduurzamen zouden zijn, dat herkent Jules niet. De gepensioneerd hoogleraar kinderrevalidatiegeneeskunde blikt terug: “We zijn hier in 1992 komen wonen en op de eerste winterdag dachten we wel: ‘Oeh! Wat een koud huis!'” Jules had – met zijn natuurlijke belangstelling voor duurzaamheid – een abonnement op het tijdschrift De Kleine Aarde, over een houdbare levensstijl. “Uit dat blad haalde ik toen ondernemers die later echt een begrip zijn geworden.  , bijvoorbeeld, voor de spouwmuurisolatie. In die tijd werd dat nogal eens een drama met vocht, wanneer je van die isolatiekorrels in je spouwmuur liet spuiten. Koston gebruikte bolletjes met een soort kanaaltjes erop. Dat helpt echt.”

En het is net als met het schilderen van je huis: als je eenmaal begint, dan moet je door. Dus kwam voor de vloerisolatie, werd er overal dubbele beglazing aangebracht en betimmerde en isoleerde Jules zelf de zolder. Dat zit er dus allemaal al bijna dertig jaar in, rekent hij voor. Vorig jaar is de spouwmuur opnieuw bekeken en een klein beetje aangevuld. Ook TONZON kwam weer langs: alles lag er na al die jaren nog prima bij.

Meeliften op aanbiedingen

Doordat Jules er vroeg bij was met zijn verduurzamingsingrepen, kon hij herhaaldelijk profiteren van mooie acties. En dat deed hij dan ook. “In 1997 wilde Heemstede de duurzaamste gemeente van Nederland worden. Toen kon je duizend euro  subsidie krijgen op een zonneboiler. Dat hebben we toen meteen gedaan. Sindsdien heb ik elk jaar zes maanden bijna gratis warm water.”

 

“Onderaan de streep kostte de hybride-installatie ons zo’n 3.000 euro. Maar ons gasverbruik is gedaald van 1.500 naar 500 kuub per jaar…”

 

 

Ook van subsidie van het Rijk maakte Jules dankbaar gebruik. Dat kón ook, doordat hij zijn isolatie al zo goed op orde had. “Op een warmtepomp kreeg je in 2016 nog 2.000 euro subsidie”, vertelt hij. “We moesten toen ook een nieuwe cv-ketel kopen, aangezien we hadden gekozen voor een hybride warmtepomp. Volledig elektrisch verwarmen is in een huis als dit niet zo’n goed idee. Een vriend van mij doet dat, maar hij moet in de winter altijd bijstoken. Maar goed, dat doe je met een hybride systeem dus feitelijk ook. Onderaan de streep kostte de installatie ons zo’n 3.000 euro. Maar ons gasverbruik is gedaald van 1.500 naar 500 kuub per jaar.”

Fijn vergelijken

Ondanks het extra stroomverbruik van de warmtepomp is ook de elektriciteitsrekening inmiddels flink gedaald, dankzij de zeven zonnepanelen waarvoor Jules nog een plekje wist te vinden op het dak en op de garage. “Gemiddeld betalen we 100 euro per maand aan energie, en krijgen we aan het eind van het jaar 250 euro terug.” Enthousiast opent hij zijn telefoon. “Kijk, via slimmemeterportal.nl zie je precies wat je energieverbruik is, ook in vergelijking met je omgeving. Wij gebruiken 80 procent minder gas dan het gemiddelde huishouden hier in de buurt. In Heemstede gebruiken inwoners dan ook erg veel: gemiddeld 3,2 kuub gas per dag, tegen 2,54 kuub in de rest van het land. Tja, ook daarin zie je: we wéten wel dat het anders moet, maar het vertalen naar eigen gedrag is voor veel mensen toch nog erg lastig.”

Bekijk de koplopers